Het droomelftal van Mark van Rijswijk: Van de passie bij Suarez tot het inzicht van Vanenburg

19 januari 2022 - 13:00

“Ik kan vrij makkelijk een elftal maken wat van dit elftal gaat winnen”, concludeerde Mark van Rijswijk toen hij zijn gehele droomelftal van commentaar had voorzien. “Maar ik denk wel dat je voor dit elftal een seizoenkaart gaat kopen.” En zo is het maar net. Het droomelftal van de ESPN-commentator is er één van uitersten. Het gaat van spelers bij huidige hekkensluiter in de Eredivisie tot aan de beste spits die we ooit in onze competitie hebben gezien. Mark bewees net als Christian dat een droomelftal niet een combinatie is van de elf beste spelers ooit, maar meer een compositie van een elftal aan verhalen die er aan de basisspelers kleven. En of dat nou voortkomt uit een interviewtje met Bram van Polen of een knipselalbum van Vanenburg, maakt eigenlijk niet uit!

1. Bas Roorda: Voetbalquizzer van beroep

Mark stelde zichzelf de restrictie dat hij alle elf de spelers heeft moet zien spelen in het stadion. Ook moeten de spelers in de Eredivisie hebben gespeeld. Een voetbalquiz hoefde Mark er niet mee gewonnen te hebben, maar dat was toevallig wel het geval bij Bas Roorda. De sluitpost van het elftal, die eerder voor onder andere FC Groningen en PSV keepte, is wel weg van een quizje. “Dat is de enige voetballer waarmee ik ooit een voetbalquiz heb gewonnen”, verklaart Mark. “Dus eigenlijk moet hij alleen daarom al mee, vind ik. Bij FC Groningen hebben we meegedaan en onder andere Neal verslagen, dat is sowieso altijd goed en mede dankzij Bas Roorda gebeurd.” Er volgde na die quiz in het Hoge Noorden nog vele vragen…. “Als ik hem zie bij wedstrijden vraagt hij altijd als eerst of ik nog een quizvraag heb. We hebben niet heel veel contact, maar als we elkaar zien gaat het in principe binnen twee seconden over een quizje!”

2. Kurt Elshot: “Een super sympathieke gast

Voor de rechtsback belanden we wederom in Groningen. “Omdat ik daar ben begonnen bij de lokale omroep”, verduidelijkt Mark. Dit was ook de reden waarom hij regelmatig contact had met Kurt Elshot, die honderden wedstrijden in de Eredivisie afwerkte voor FC Groningen en NAC. “Wij waren een heel klein omroepje waar bijna niemand naar luisterde. Spelers die werkte wel mee, maar ze stonden ook weer niet in de rij. Hij is toen in de studio geweest om geïnterviewd te worden en ik hield gewoon redelijk contact met hem.” Destijds maakte de mens achter de voetballer indruk. “In die periode is mijn moeder overleden. Hij had dat via via gehoord. Toen stuurde hij een berichtje en dat deed hij ook op de dag van de begrafenis. Het is een super sympathieke gast met wie ik altijd wel contact heb gehouden.”

3. Bram van Polen: “Hij verdient een plekje, maar dan wel als linksback”

Een uitstapje naar Zwolle wordt gemaakt voor de linksback van het elftal: Bram van Polen. Ik hoor je denken: die Van Polen, dat is toch helemaal geen linksback. Dat dacht ik zelf namelijk ook. De verklaring waarom hij er in het droomelftal toch staat, is dan wel weer erg komisch. “Alleen al om hem een beetje te zieken zet ik hem daar dan maar neer”, begint Mark lachent over de verdediger die zelf niet blij is als hij dat linksback wordt opgesteld. “Hij is de enige, de eerste en ik denk ook de laatste voetballer die mij op TV een lul heeft genoemd.” Hoe dit tot stand kwam, vergt eventjes wat meer duiding. “Ik speel een spel met vrienden, een soort Scorito. Elke speler van de Eredivisie mag maar één keer worden gekozen, dus als ik iemand kies dan mogen de anderen drie mogen dat niet meer doen. De beste spelers gaan als eerst. Een paar jaar had ik Van Polen en daar had ik het ook altijd met hem over. Dan had hij weer geel gepakt en geen doelpunt gemaakt en schoot het weer allemaal niet op. Op een gegeven moment heb ik hem er daarom ook uitgehaald.” Dat laatste nam de captain van PEC Zwolle Mark niet in dank af. “Ik weet nog Vitesse-uit en toen ging het erover dat het goede resultaat van Zwolle punten opleverde voor de mensen die zo’n spel spelen. Toen zei Bram van Polen dus letterlijk: ‘het is wel lekker dat iedereen punten heeft, behalve die lul van een Mark van Rijswijk.” Alleen daarom al verdient de sympathieke Van Polen een plekje. “Maar dan wel als linksback”, besluit Mark.

4. Virgil van Dijk én Jaap Stam: Het machtige droomduo

De twee centrale verdedigers voegde Mark samen. En laten we eerlijk zijn; dit elftal zou alleen al een keer aan moeten treden om Jaap Stam en Virgil van Dijk samen het centrale duo te zien vormen. “De centrale heb ik puur gekozen omdat je bij mijn middenveld denkt: daar zit niet heel veel controle in”, zo legt Mark zijn keuze uit. “Ik dacht: ik ga gewoon voor de beste twee centrale verdedigers die ik heb gezien. En dat zijn Virgil van Dijk en Jaap Stam. Die moeten de rest van het elftal compenseren, want de rest van het elftal denkt alleen maar aanvallend.”

5. Gerald Vanenburg: Jeugdidool

De verdediging staat als een huis, dus nu kunnen we echt los. Te beginnen met Gerald Vanenburg, het ultieme jeugdidool van de samensteller van dit elftal. “Ik woonde in het Hoge Noorden en als FC Groningen tegen PSV moest, dan ging ik daar in die tijd heen om hem te kunnen zien spelen. Van Vanenburg heb ik knipselmappen, ook stuurde ik hem brieven voor een handtekening. Die heb ik ook gekregen, het was echt mijn idool.” Van idool werd Vaantje op een gegeven moment een gesprekspartner, gewoon omdat dat dat nou eenmaal bij het soms toch geweldige werk van een sportjournalist hoort. “Dat is heel apart. Ik kan moeilijk tegen hem zeggen dat ik vroeger posters van hem op mijn kamer had hangen, want het is gewoon mijn werk”, besluit Mark lachent over zijn jeugdheld.

6. Dennis Bergkamp: “Die klik die zij hadden was echt geweldig om te zien”

Om het middenveld nóg meer kleur te keven mag ook Dennis Bergkamp zich er gaan begeven. “Bergkamp heb ik bij Arsenal twee keer op Wembley zien spelen. Mijn broer woonde toen in Londen en daar ben ik toen een paar keer heen geweest speciaal voor Arsenal”, zegt de elftalsamensteller. “Toen ik begon met commentaar geven zat hij nog vol in de Premier League, dus dan zie je hem wekelijks van dichtbij. Dat jaar dat ze ongeslagen bleven, dat was gewoon elke week een feestje. Met name met Bergkamp en Henry, de klik die die twee hadden was echt geweldig om te zien.”

7. Luc Nilis: “Zijn type voetballer is precies waar ik van hou”

Het middenveld wordt compleet gemaakt door Luc Nilis, ook voor hem stond Mark als kind op de banken. Voor de balans had er misschien alleen beter een controleur toegevoegd kunnen worden, maar ach… “Dat is redelijk aan de suïcidale kant denk ik. Maar goed, Virgil en Jaap moeten het maar met z’n tweeën doen”, lacht Mark. “Nilis was ook zo’n mooie voetballer. Hij maakte dat doelpunt in de loop met de hak, dat was weergaloos. Zijn type voetballer is precies waar ik van hou.”

8. Arjen Robben: “Gewoon zo mooi dat je daar bij mag zijn”

Het middenveld kent aan inzicht geen gebrek. De aanvallers die voor hun teamgenoten in de middelste linie staan, kunnen daarom hun lol op. Al kan Arjen Robben natuurlijk ook genoeg zelf creëren. “Ik denk dat ik mijn hoogtepunt van de afgelopen jaren tijdens FC Emmen – FC Groningen heb beleefd. Toen deed Robben opeens mee. Het hele seizoen was het gegaan over Robben, behalve voor die wedstrijd. Want ja, Emmen speelt op kunstgras. Niemand ging er überhaupt van uit dat hij bij de wedstrijdselectie zou zitten, maar toen stond hij opeens in de basis.” Die wedstrijd was een van de grootste Nederlandse voetballers aller tijden voor de laatste keer in topvorm. “Dat was een heel bijzonder gevoel”, erkent Mark. “Bij de warming-up spelen ze in Emmen altijd Life is Life. Dat deden ze dus ook bij Robben en hij houdt altijd een balletje hoog in de warming-up. Dus je zag ook nog eens gebeuren dat Robben in Emmen op Life is Life een balletje aan het hooghouden was.” In de wedstrijd die volgde was De man van glas belangrijk met twee assists. “Toen was hij ook nog eens een keer bepalend in die wedstrijd. Dus dat was echt schitterend”, blikt Mark terug. “Gewoon zo mooi dat je daar dan bij mag zijn.”

9. Ronaldo: “En dan bedoel ik de oude”

De aanvalsleider van het elftal is Ronaldo Luís Nazário da Lima. “Dat is gewoon het beste wat ik in een stadion als spits heb gezien”, begint Mark meteen maar even duidelijk. “Die was gewoon zo snel en zo goed. Die paar seizoenen bij PSV waren echt ongelofelijk. Ik woonde in het noorden, dus ik ging wel een paar keer per seizoen naar Eindhoven. Maar ook als PSV in Groningen ging voetballen, dan gingen we heen. Het is een van de beste voetballers ooit, dus dat hij überhaupt in de Eredivisie heeft gespeeld is wel een wonder. Hij mag dus wel in de spits.”

10. Luis Suarez: “Van wat zij vertelde moet het ongelofelijk zijn geweest”

Om het geheel rond te maken eindigen we in Groningen. We komen nog één keer terug in de Metropool van het Noorden voor Luís Suarez. “Die mag een beetje vanaf links komen, heeft hij bij Barça ook wel gedaan.” Suarez zorgt in het elftal voor wat extra pit. “Er moet een beetje pit bij, want anders moeten Virgil en Jaap het echt met z’n tweeën gaan doen en dat lijkt me ook niet de bedoeling. Hij behoeft verder niet zoveel uitleg. Wel weet ik nog dat hij de eerste paar trainingen bij FC Groningen helemaal niet zo heel goed was, dat vertelde de spelers mij althans. Totdat ze op een gegeven moment een klein partijtje gingen doen, vijf tegen vijf met de doelen heel dicht bij elkaar. Toen wisten ze niet wat ze zagen, want toen kwam hij helemaal tot zijn recht natuurlijk. Van wat zij vertelde moet het ongelofelijk zijn geweest: draaien, schieten en die bal ging er vanuit alle hoeken in. Toen hadden zij ook wel door: we hebben een speciale te pakken”, besluit Mark zijn verhaal over de laatste speler van zijn kleurrijke elftal.