8 minuten

Er is steeds meer voetbal te zien, maar het gekke is: ik kijk bijna nooit meer. Sterker nog: mijn laatste negentig minuten kan ik me niet meer herinneren. Toch houd ik van voetbal. Ik lees er dagelijks over, ik praat en schrijf erover. Om weer te leren houden van voetbal kijken, ga ik de komende tijd wedstrijden bekijken met statistici, veelvraten, liefhebbers, columnisten. Wat voor les hebben ze voor mij? In deel 6 ben ik bij Pieter Zwart, hoofdredacteur van Catenaccio & aanvoerder VI PRO bij Voetbal International.

Door: @voetbalverhalen

Voor mijn gastheer van vanavond hoeft een wedstrijd niet per se spannend te zijn. Wel interessant. Ik kijk Manchester City – West Bromwich Albion bij Pieter Zwart thuis. “Guardiola tegen Pulis. Daar valt wel wat over te zeggen.”

Hij heeft appelkoeken gekocht. “Pak gerust.”

Wat vind je van het project-City?

“Guardiola heeft waanzinnig knap werk geleverd. Binnen een jaar heeft hij Manchester City heel anders laten voetballen: ze hebben het vaakst de bal, creëren de meeste kansen, komen het vaakst in de andere zestien en laten tegenstanders het minst in de eigen zestien toe. Qua veldspel zijn ze compleet dominant in de hele Premier League. Maar tegenstanders spelen op counters, op standaardsituaties, en met geweld; en dat vindt City moeilijk.”

Waar ga je vanavond op letten?

“Jesus speelt samen met Agüero. De vraag is hoe ze dat gaan invullen. Hoe gaan ze om met de manier waarop Pulis z’n ploegen neerzet; hoe hij lange ballen speelt? In Nederland denken we vaak: ze spelen een lange bal en dan zie ze wel waar die belandt. Maar dat is niet hoe West Brom voetbalt. Bij een lange bal anticipeert één man voor als de bal wordt doorgekopt, en staan er twee anderen onder om de bal op te vangen.”

“Ik vind Pulis geniaal. Het is onwaarschijnlijk wat hij voor elkaar krijgt. Hij presteert boven z’n stand, eerder met Stoke en nu met West Brom. Als je kijkt naar zijn materiaal… het is écht heel slecht.”

Hij vertelt waarom Guardiola het moeilijk kan hebben tegen Pulis. “Teams van Guardiola en Klopp zijn goed in een overtal creëren rond de bal. Maar tegen West Brom heb je daar minder aan, want als zij zeggen ‘we gaan hier niet strijden’ verplaatsen ze met een lange bal het spel — en alleen zij weten waar de bal gaat komen. En daar anticiperen ze op. Als je dan niet de fysieke vermogens hebt die West Brom wel heeft, dan is het waanzinnig lastig.”

Maak je aantekeningen tijdens het kijken?

“In principe niet. Tenzij ik weet dat ik er over ga schrijven.”

Hoe schrijf je jouw analyse?

“Meestal zit ik op de redactie. Dan heb ik naast de tv een laptop met een stream waarop ik kan terugspoelen. Verder heb ik een bestand waarin ik aantekeningen maak. Na de wedstrijd kijk ik ‘m gelijk nog een keer helemaal terug om te zien of het klopt wat ik denk. Het is iedere keer weer schrikken dat dan heel andere dingen je opvallen.”

“Onze zintuigen zijn niet zo betrouwbaar als we denken. Mensen zijn meer verhalenvertellers. We willen patronen zien en dat in een logisch narratief stoppen. Als Ajax wint van Feyenoord dan moet er een logisch verhaal komen waarom dat zo is, terwijl het soms random is, en het verhaal is dat er eigenlijk geen verhaal is.”

De wedstrijd gaat beginnen. We zitten in een stil appartement, want Pieter kijkt zonder geluid. “Ik heb de commentator niet nodig om mij te vertellen dat Kompany aan de bal is. En ik wil me niet ergeren. Zonder geluid ben ik volledig zen.”

Hoeveel wedstrijden zie je per week?

“Dat is lastig om te zeggen. In het weekend zit ik op de redactie en dan staan er zes wedstrijden aan. Zie je er dan twee of zes? Maar in principe zie ik wel iedere dag voetbal.”

“De Bundesliga en Premier League zijn de competities die ik het meest interessant vind. En in Spanje de topclubs en Sevilla. Ik kijk ook veel Eredivisie, maar dat is omdat ik het moet zien voor werk. En voor de rest ligt het ook aan waar ik over ga schrijven. Italië zie ik niet veel, maar aan het begin van het jaar bijvoorbeeld wel omdat Frank de Boer er zat. We doen ook altijd veel met Europese tegenstanders, dus Rostov heb ik oneindig vaak gezien. Dat wens ik geen mens toe, haha.”

Ben je nog voor een club, coach, speler?

“Ik vind projecten interessant. Manchester City en Sevilla dit seizoen door de coaches. Ik weet dat als ik Guardiola kijk, hij wat heeft veranderd. Je hebt ook veel teams die iedere week hetzelfde doen. Maar ik slaap geen seconde minder als Guardiola vanavond niet wint. Ik kan me sowieso niet herinneren wanneer ik voor het laatst heb gejuicht voor een doelpunt.”

En bij Oranje?

“Ik vind het leuk als ze winnen, maar ik kan er ook om lachen als ze verliezen.”

Lachen?

“Als ik een team heel slecht vind, hoop ik dat ze verliezen. Dat heeft een reden: als een coach een slecht proces start en toch een goed resultaat behaalt, dan gaat hij volharden in het slechte proces. Maar ik hoop dat het wordt afgestraft, zodat er snel wat anders gaat gebeuren. Zo ook bij Oranje. Ik moet het namelijk allemaal volgen voor mijn werk dus ik wil dan dat er wat interessants gebeurt.”

Even wat anders. Je vertelde dat je bij Ronald Koeman bent geweest voor een interview. Hoe gaat dat, want hij kent Joep Schreuder wel, maar kent hij jou ook?

“Ik was geïntroduceerd, maar het gesprek kwam moeizaam op gang. Ik probeerde hem met wat open vragen aan het praten te krijgen. Op een gegeven moment vroeg ik naar een heel specifiek tactisch dingetje — dat hij volgens mij gekopieerd had van José Mourinho — en toen begon ‘ie te lachen en nam hij een open houding aan. Zo’n vraag had hij nog nooit gehad, en hij begon te vertellen over analyses en hoe hij zijn strijdplan maakt.”

Voetbal kijken in het stadion of op tv?

“Op tv. Het stadion is inefficiënt. Nu kan ik op een dag vier, vijf wedstrijden zien. En in het stadion heb ik minder informatie, en kan ik niet terugkijken.”

Wat valt je nu op in de wedstrijd?

“City heeft een tactiek om die lijn van vijf van West Brom door te komen, om mensen tussen die linies vrij te krijgen.” Hij staat op en spoelt de wedstrijd via zijn laptop terug. “Nu wordt het ‘Pieter Zwart vertelt’”, grapt hij.

Hij vraagt me eerst wat ik zie. Ik zeg wat over de backs en over Touré, die heel diep inzakt. “Klopt, dat deden ze ook tegen Manchester United.”

Hij legt uit waarom. “De spits van West Brom moet Touré dekken. Touré komt ver uit de zone waardoor de spits moet kiezen en er twijfel ontstaat. Kijk, nu zie je de ruimte ontstaan op de plek waar Touré normaal staat. Agüero is nu al helemaal uit komen zakken en trekt ook een jongen mee. Dus komt er daar weer ruimte voor Sané. Ze beginnen achter de lijn van vijf en komen dan in de bal. Iedere keer krijgen ze spelers vrij tussen de linies.”

Ik knik en hij vervolgt. “Bijna iedereen speelt heel centraal omdat het geen zin heeft tegen West Brom heel veel breedte te hebben; je kunt wel een voorzet geven maar de verdedigers zijn twee meter vijftig.”

Is voetbal je grootste liefde of is het werk?

“Het was liefde, nu mijn werk. Voetbal is de meest complexe sport ter wereld. En er komt een hele wereld omheen: financiën, biologie, onderwijs, psychologie. Via voetbal kun je ongeveer de hele wereld leren.”

City is op voorsprong gekomen. “Ik denk niet dat Agüero een Pep-speler is. Hij heeft niet de werkethiek die je nodig hebt om onder Guardiola te spelen. Druk zetten en het uitvoeren van taken, daar is hij nog wel eens nonchalant in. Als de eerste schakel bij Guardiola niet op honderd procent gaat, dan gaan alle volgende schakels daar ook last van krijgen. Het grote publiek ziet Agüero in de zestien op de goede plek staan en doelpuntjes maken, maar trainers zien vaak andere dingen.”

We praten over zijn korte maar nu al bekroonde journalistieke carrière. Pieter had zijn sollicitatiegesprek bij VI nog met Johan Derksen. “Hij haalde me binnen na een tip van Johan Cruijff. Dat hoorde ik later. Ja, dat is wel heel mooi.”

Is voetbal kijken veranderd voor jou?

“Ik zie nu andere dingen dan ik vroeger zag. Dat zit op detailniveau. Laatst las ik een boekje over Jürgen Klopp in zijn tijd bij Dortmund. Het ging over de Champions League-finale tegen Bayern. Wat ik las vond ik nu voor de hand liggend, maar ik vermoed dat ik het toen tijdens de wedstrijd niet zag.”

Heb je wel eens genoeg van voetbal?

“Jawel. Mijn inspiratie voor verhalen komt steeds vaker van dingen buiten het voetbal. Ik heb net een boek gelezen van de schaker Kasparov. Ik las een mooie quote: ‘Om goed te worden moet je principes hebben, om uit te blikken moet je begrijpen wanneer je die principes los moet laten.’ Dat typeert het seizoen van Manchester City. Ze hebben alle principes van Pep, ze weten hoe ze moeten voetballen, maar als ze in de zestien komen kan het wel eens anders gaan en moet je een keer een afspraak loslaten. Zoals Cruijff zegt: ‘Soms moet er iets gebeuren voor er iets gebeurt.’”

Je hebt over veel kanten van het voetbal geschreven, maar bent nu wel Mister Tactiek.

“Ik vind tactiek heel boeiend. Maar dat is ook een keer eindig. De leercurve vlakt af. Ik ben dit jaar bij verschillende clubs en bij de KNVB geweest, en heb soms het gevoel dat ik hen wat aan het leren ben en zij mij niet. Soms is mijn kennisniveau veel hoger dan dat van mensen in de praktijk. Ik kom weinig mensen meer tegen waarbij ik denk: wow, zo had ik er nog niet tegenaan gekeken.”

“Met Pepijn Lijnders van Liverpool had ik dat wel. Dan kunnen we gelijk stap 1 tot en met 9 overslaan en de diepte ingaan. Als ik met hem over voetbal praat, moet ik voor 110 procent aanstaan, terwijl ik bij heel veel mensen op 60 procent kan zijn.”

Hij vertelt over VI PRO, het online platform van Voetbal International, waar hij ‘aanvoerder’ van is. “Ik vind het interessant om na te denken hoe we jongeren voor journalistiek kunnen laten betalen. Of om collega’s te helpen betere artikelen te maken. Daar haal ik nu meer voldoening uit dan zelf weer een stuk schrijven over de backs van Manchester City die meer aan de binnenkant staan. Ik wil van VI PRO een succes maken en mezelf overbodig maken. En nog een keer een boek maken over het moderne voetbal met een conceptueel kader dat je kunt gebruiken om voetbal te kijken.”

Ik kijk uit naar het boek. Maar jezelf overbodig maken?

“Ik wil mezelf niet herhalen en dat voel ik nu soms al. Dat vind ik niet uitdagend. Mijn twee drijfveren in mijn werk zijn deskundigheid en creativiteit. Als ik die twee dingen kan toepassen, dan krijg ik energie. Nu heb ik dat bij VI.”

En daarna ergens anders in de voetballerij?

“Dat is niet mijn ambitie. Ik zie al die mensen in de voetballerij heel hard werken en weinig voor elkaar krijgen. Dan denk ik niet: dit is een wereld waarin ik heel graag wil werken. Ik houd veel van voetbal, maar niet van de voetbalwereld.”

Wacht even. Dus het zou kunnen dat je uit het voetbal stapt?

“Ik zou het niet goed vinden als ik over tien jaar nog in de voetbaljournalistiek zit. Op termijn lijkt het me leuk wat anders te doen in de journalistiek. De visie die we hebben op voetbal zou je ook in andere gebieden kunnen gebruiken. Er zijn nog tal van onderwerpen die niet uitgediept worden. De zorg is een mooi onderwerp. Er gaat mega veel geld naartoe, er is een groot probleem, maar het debat is totaal inhoudsloos.”

“Maar eerst VI PRO. Ik houd ook echt van VI en wil dat dit over tien jaar nog bestaat en wat kan toevoegen aan het voetbal. Het mooiste compliment dat je kan krijgen is dat mensen anders kijken naar voetbal door onze artikelen. Ik heb liever dat VI nog bestaat dan de voetbaljournalist Pieter Zwart.”