5 minuten

Er is steeds meer voetbal te zien, maar het gekke is: ik kijk bijna nooit meer. Sterker nog: mijn laatste negentig minuten kan ik me niet meer herinneren. Toch houd ik van voetbal. Ik lees er dagelijks over, ik praat en schrijf erover. Om weer te leren houden van voetbal kijken, ga ik de komende tijd wedstrijden bekijken met statistici, veelvraten, liefhebbers, columnisten. Wat voor les hebben ze voor mij? In deel 1 ben ik thuis bij PSV-scout Thomas Schaling.
Dikke disclaimer: Thomas en ik zijn goede vrienden en keken tien jaar geleden al voetbal tussen pizzadozen op een studentenkamer.

We zitten op de bank in zijn appartement in Amsterdam. “Mijn ideale voetbalmodus is met de laptop op schoot. Dan heb ik de hele voetbalwereld in handbereik. Met een paar klikken ga ik van Spanje, even naar Bosnië en dan door naar Venezuela.”
Vanavond kijken we samen naar Las Palmas – Sevilla, een wedstrijd om 18.30 uur in La Liga. Net voor de wedstrijd hebben we Thai afgehaald om de hoek.

Hoe veel voetbal zie jij?
“Vroeger woonde ik op Aruba. Door het tijdverschil zat ik op zondagen al om half zeven ’s ochtends naar de Eredivisie te kijken. In het weekend keek ik er een stuk of acht, maar nu hou ik het eigenlijk niet bij. Tijdens een trip kom ik op één tot drie wedstrijden per dag, afhankelijk of het een toernooi is of niet. In WyScout zie ik er nog zo’n veertig per maand, en dan nog heel veel fragmenten van spelers of wedstrijden. En het voetbal wat op tv komt.”

“In Europa is er geen competitie, buiten een dwergstaat als Andorra of San Marino, waar ik geen voetbal van heb gekeken. Maar ik zou ook naar Andorra kijken als er een interessante speler was.”

Schaling is nu vier jaar fulltime in dienst bij PSV. “Met de scouting zijn we iedere dag bezig om het team beter te maken. Er is geen dag geweest dat ik geen voetbal zag. Behalve op vakantie, hoewel ik in Portugal ook gewoon een paar wedstrijden heb gekeken.”

Verheugd: “Aan het eind van de vakantie heb ik dan echt heel veel zin om nieuwe spelers te zien.”

Hoe kijk je eigenlijk voetbal?

“Ik kijk minder als liefhebber. Ik denk wel eens ‘misschien moet ik toch wat vaker naar Barcelona of Chelsea kijken’, maar het komt wel eens voor dat ik op een dinsdagavond PSG – Chelsea oversla, omdat ik de hele dag al heb gekeken. Hoewel, dat is eigenlijk wel een mooi affiche… Slecht voorbeeld.”

Dan: “Maar ik kan niet echt als liefhebber kijken. Ik kijk altijd met de bril van een scout. Analytisch. Ik ben bezig met individuen of het beeld van de wedstrijd.”

Op zijn telefoon zoekt hij wat cijfers van spelers van Sevilla op. Sierd de Vos vertelt ondertussen dat de scheidsrechter van deze wedstrijd in het dagelijks leven tandarts is.

Wat vind je leuk aan voetbal?

“Voetbal is een spel waarbij je wacht op spaarzame momenten. Op heel veel gebieden is het interessant en goed, maar het is niet als basketbal waar het constant op en neer gaat en er punten worden gescoord. Bij voetbal wacht je op iets speciaals. Ik kijk er iedere keer naar uit iets nieuws te ontdekken: een nieuwe speler of iets dat je nooit was opgevallen.”

“Het gaat mij dus niet om een moment dat de wedstrijd beslist, maar om hoe iemand een bal aanneemt, hoe hij wegloopt, hoe een buitenspeler z’n snelheid beter gebruikt in de diepte.”

Die vooruitgang fascineert hem. “Ik ben geïnteresseerd in talentontwikkeling. Als een vriend zich heeft ontwikkeld op een bepaald gebied, dan vind ik dat ook heel interessant om over te praten.”

Tot nu toe heb ik twee spelers ontdekt die ik ken bij Las Palmas – Sevilla: Samir Nasri en Kevin Prince-Boateng. Het staat nog 0-0.

“Ik ben niet met het resultaat bezig. Als je mij direct na een jeugdwedstrijd vraagt wat het is geworden, dan moet ik echt even nadenken. Het is wel eens voorgekomen dat Marcel (Brands, red.) mij tijdens een overleg een uitslag vroeg en ik echt even moest graven.”

Alleen of met vrienden kijken?

“Ik wil me kunnen concentreren op een wedstrijd. Met vrienden kijken is heel leuk, maar ik hou ervan echt in het spel te duiken en alleen is dan soms lekkerder.”

Las Palmas mist een kans. “Best open wedstrijd. Gebeurt veel, hè?”

Ik vraag hem waarom we deze wedstrijd kijken. “Bij Sevilla zit een innovatieve trainer. Hij is geobsedeerd door voetbal. Dus dan kijk ik wat het plan is. Ik weet dat ze veel aanvallende middenvelders hebben gekocht. Ik ben benieuwd wie ze inpassen en hoe dan en of het ten koste gaat van het diepgaan zonder bal.”

In de rust schakelen we naar Studio Sport en blijven iets te lang hangen bij Heerenveen – AZ voor we zappen naar Spanje.

“Het is goed wedstrijden van hoog niveau te zien. Je wil vergelijken met je eigen team en met spelers die je elders ziet. Wat is het niveau? Wat voor spelers hebben ze? Wat voor spelers halen ze? Voor welke bedragen en welk niveau hebben die dan? En: hoe snel heeft een speler uit een bepaalde competitie nodig om aan te passen?”

Scouten is vergelijken en projecteren, legt Schaling uit. “Hoe meer vergelijkingsmateriaal, hoe beter. Meer wedstrijden, meer spelers, meer verschillende landen, meer niveaus.” Ineens: “Hij kan ‘m toch gewoon laag doorspelen? Dat hoeft toch niet zo?!”

Is voetbal kijken veranderd?
“Ik vraag me af of zoveel mensen voetbal nog steeds zo leuk zouden vinden als ze er niet constant over in contact waren met anderen. Ik bedoel: het is natuurlijk heel leuk om met mensen in de kroeg te discussiëren en nu kun je dat de hele dag op Twitter. Er is zoveel aanbod dat je verschillende wedstrijden moet kijken om inbreng te hebben. Daarom kijken er veel alleen stukjes. Kijken met de smartphone.”

Jij lijkt wel minder te twitteren.
“Ik kan bijna nooit iets zeggen over een wedstrijd. Op een EK ofzo wil ik er nog wel eens een analyse op loslaten, vooral over het team. Ik denk ook dat mijn volgers dan het meest inhoudelijk lezen.”

Sevilla krijgt kansen en kan de eerste ploeg worden die wint op Gran Canaria. “Oooh, die nam die goed, zeg. Zie je hoe snel ze diep durven te spelen? In plaats van dat ze bang zijn dat ze hem kwijtraken. Hop, weer er overheen.”

We naderen de laatste tien minuten van de wedstrijd. Wat voor les heb je voor mij?
“Misschien ben jij meer iemand die met zijn vrienden moet kijken? Misschien heb jij het enthousiasme van anderen nodig? Jij vindt het ook leuk vanuit een bepaald perspectief over voetbal te praten op Twitter. Misschien kun je kijken of een speler stappen zet en hem wat meer volgen.”

En wat voor soort wedstrijden?

“Nice heeft een heel leuk team. Ze bouwen van achteruit op en voetballen echt. Sommige clubs zijn interessant om te volgen vanuit aankoopbeleid zoals Sevilla en Villarreal. Ze kopen veel en vaak goed. Je moet ook Monaco kijken met Mbappé, net 18 geworden.”

“Ik vind het eigenlijk altijd leuk om voetbal te zien en erover te praten. Dat is op werk interessant, want het is diepgaand en op hoog niveau. Maar soms ook met een vriend op de tribune. Ik raak niet snel uitgepraat over voetbal.”

De wedstrijd is afgelopen (Sevilla wint met 0-1). Er komt een samenvatting van Anderlecht – Zulte Waregem voorbij. “Let op,” hoor ik vanuit de keuken, “hier zit volgens mij een heel mooie pass in van Tielemans.”

Als hij terug is, zegt hij met een zichtbare glimlach: “Atlético kwam nu toch?”