2 minuten

Het is inmiddels iets langer dan 12 uur na het laatste fluitsignaal in de Johan Cruijff Arena. Er wordt alweer van mij verwacht dat ik vrolijk bier verkoop en doe alsof er gister niks gebeurd is. Er gaan steeds flitsen door mijn hoofd van de wedstrijd van gister. De vrije trap op de middenlijn waarbij Blind en De Ligt mee naar voren gaan, het onhandige moment van Schöne na de wereldredding van Onana en het uitglijden van Magallán in de 95ste minuut. Het lijkt alsof ik iets ben kwijtgeraakt, terwijl ik het überhaupt nooit gehad heb.

Als er ooit een moment is om te spreken over een achtbaan van emoties dan was dat gister wel. Nadat Neal mij om 13:53 appte ‘je kan naar het stadion’ was ik even een van de gelukkigste personen op de wereld. Ik hoefde alleen een microfoon en powerbank op te halen en was klaar om verslag te doen van de wedstrijd van het jaar.

Bij de Arena aangekomen was de sfeer fantastisch. Er waren waterkanonnen, maar die waren er deze keer met name voor de sier. Zoals afgesproken werd er geen vuurwerk afgestoken, behalve dan die paar pijlen, maar daar zal zelfs Femke niet van wakker hebben gelegen. Het voelde lekker en het vertrouwen bij het publiek was groot.

Na een paar keer skypen met een hele slechte verbinding om te vertellen dat de sfeer er lekker in zat, kon de wedstrijd beginnen. Daar zat ik dan als pers, op rij 17 stoel 94, tussen twee forse Engelse mannen van gerenommeerde kranten The Sun en The Guardian. Slechts 90 minuten is Ajax verwijderd van een unieke prestatie op het hoogste voetbalpodium.

De eerste helft is voorbij, ik hoor mezelf zeggen dat we 2-0 voorstaan en dat er wel iets heel geks moet gebeuren willen wij (want zo’n neutrale journalist ben ik) niet naar de finale gaan. Ik doe nog een poging tot nuance, door te zeggen dat ik Ajax niet zo sterk vind spelen in de eerste helft. Die nuance houdt een volledige minuut stand, want ik sluit af met de woorden: ‘Ik zeg het je we gaan naar Madrid en ik ga het nog mooier maken; we nemen die beker mee naar huis’. Een goede 20 minuten later denk ik terug aan die woorden en voel ik mij persoonlijk verantwoordelijk voor de 2 tegendoelpunten in slechts 4 minuten tijd.

Wat volgt zijn dertig ongelofelijk lange minuten, waarbij Ajax op en af de controle heeft en verliest. Alles in mij wat normaal gesproken enigszins objectief een wedstrijd kan analyseren, heeft allang mijn lichaam verlaten. De wissel van Schöne geeft wat rust en Tadic in de spits biedt wat meer houvast. Het zou een understatement zijn om te zeggen dat de tijd voorbij kruipt. Deze 30 minuten zijn gevoelsmatig even lang als mijn middelbare schooltijd (ik was geen hele snelle leerling).

94:32 Onana heeft net een gele kaart gekregen voor tijdrekken, een doeltrap waarbij Tadic het duel verliest, Spurs schiet de bal nog een keer naar voren, Magallan glijdt uit, Alli kan steken op Moura en De Ligt komt net te kort. Dit laatste betekent het einde van een droom en het begin van een nachtmerrie. Ik heb nog nooit zoveel gevoeld voor iets waar ik nul komma nul controle over heb. Stiekem is het hopen op de VAR in het stadion, geen idee waar een overtreding zou zijn geweest, maar er is hoop. Dat duurt dertig seconden, precies het aantal seconden die Ajax verwijderd was van een plek in de Champions League finale.

We leven 15 minuten na de wedstrijd, een inkomend Skype gesprek van FC Afkicken. Neal opent met: ‘Hoe 45 minuten een leven kan veranderen, hoe voel jij je?’ Ik kijk naar een pixelige versie van Neal en kan eigenlijk niks zeggen. Er is ongeloof, pijn en het gevoel dat je zo dichtbij was. Ik ben te veel supporter om wat zinnigs te zeggen over hoe het spel van Spurs veranderde met Llorrente. Er komt iets uit in de zin van:  ‘Onvoorstelbaar, maar wel trots op de jongens’, een quote waar Henk de Jong trots op zou zijn.

Uiteindelijk is dit een geweldige prestatie, maar 12 uur na de wedstrijd lukt het mij nog niet om dat daadwerkelijk te voelen. De klap voor de mannen van Ten Hag zal immens zijn, maar over vier dagen staat alweer de volgende finale op het programma. Een geruststellende gedachte voor zondag is dat Lucas Moura in ieder geval niet in de basis staat bij Utrecht.