5 minuten

Een jaar geleden kenden alleen de kenners haar naam, na de zomer van 2017 weet bijna iedereen wie Jackie Groenen is. De 23-jarige speelster van 1. FFC Frankfurt brak door bij de Oranje en was één de blikvangers bij het gewonnen Vrouwen-EK. Rondom de jaarwisseling blikten we in haar geboorteplaats Tilburg met Jackie terug op haar prachtige voetbaljaar 2017.

Interview: Neal Petersen
Tekst: Wouter Boerkamp

Met Belgische roots in Oranje

Dat Groenen zou excelleren tijdens het EK in eigen land was lang niet vanzelfsprekend. Haar route richting een heldenrol voor Oranje was er één met obstakels. Ze werd geboren in Tilburg, maar woonde vlak over de grens in Poppel. Na een moeizame tijd in de jeugdteams van de KNVB lag een overstap richting het Belgische team zelfs voor de hand. In 2012 stond de Belgische bondscoach Ives Serneels voor haar deur na een oefenwedstrijd met haar werkgever Duisburg bij Anderlecht. De Poppelse trainde zelfs mee bij de Belgische dames.

Groenen woog haar opties af: “Er was geen sprake van rancune, maar ik wilde wel EK’s en WK’s spelen. Ik had al drie of vier jaar niets meer gehoord van de KNVB en dit was een manier om toch een EK te spelen.” Toch was de blondine deze zomer niet in het shirt van de Red Flames te bewonderen tijdens het vrouwen-EK van 2017 in Nederland. De FIFA blokkeerde de overstap omdat Groenen al het EK onder 17 had gespeeld voor Nederland.

Sarina Wiegman raakt juiste snaar bij Groenen

De route naar het ‘echte’ EK liep dus niet via België maar via Nederland. Te beginnen in 2016. Het werd niet meteen de gedroomde terugkeer. Toenmalig bondscoach Arjan van der Laan gebruikte de creatieve middenveldster vooral als invalster op de linksbuitenpositie. Daar had Groenen het moeilijk mee. “Ik denk dat iedereen die mij kent qua voetbal ook wel weet dat ik echt centraal het beste uitkom, dus ik voelde me daar heel onprettig bij.”

De relatie met Van der Laan liep op meerdere fronten niet goed aldus de 23-jarige Poppelse: “Ik ben van mening dat als een trainer veel aandacht aan je besteed als ze iets in je zien. Dat gevoel had ik bij Arjan helemaal niet.” Het ontslag van Van der Laan, na het mislukte Olympische kwalificatietoernooi, bleek een uitkomst voor Groenen. Voor hem kwam precies de bondscoach terug die haar wel op waarde wist te schatten.

“Vanaf het moment dat Sarina (Wiegman red.) kwam voelde ik aan dat er voor mij openingen kwamen. Binnen twee maanden nadat Sarina er was, ging ik er naar toe met het idee dat ik ook echt ging spelen. Daar voelde ik me veel prettiger bij.” Groenen is ook niet de makkelijkste als ze moet toekijken. “Ik moet ook eerlijk toegeven, ik ben niet de beste bankzitter.” Ook niet toen ze net kwam kijken bij Oranje.“Als ik bij het Nederlands elftal zat, dan wilde ik ook spelen. Daar ben ik heel eigenwijs in.”

Cruijff en Van Gaal

Het is een karaktereigenschap die ze deelt met haar grote voorbeeld Johan Cruijff de legendarische nummer 14. Groenen: “Ik wil nooit zo het vergelijk trekken, maar ik heb wel het boek van Cruijff gelezen en dan dacht ik af en toe ‘dat is best wel herkenbaar’. Een beetje eigenwijs, je eigen ding willen doen, maar wel op een manier waarop je iets beter wil maken.” Wiegman wist daar beter om te gaan dan met Van der Laan. “Ze heeft me bepaalde vrijheden gegeven om mezelf te zijn. Dat is wel een kracht van een trainer. Als je je goed voelt dan speel je natuurlijk tien keer beter.”

Dat bleek tijdens het voor Oranje zo succesvol verlopen EK, door de Oranje Leeuwinnen omgedoopt tot Ons EK. Groenen speelde alle zes wedstrijden en blonk uit met haar fluwelen balbehandeling en splijtende passes. Kwaliteiten die tot voor het EK niet door iedereen aan het vrouwenvoetbal werden toegedicht. “Het was ook wel het doel dat we hadden als team. Om te laten zien dat het vrouwenvoetbal technisch gezien niet meer zo ver onder het mannenvoetbal ligt. Je kunt wel bepaalde technische en tactische dingen goed doen en daar respect mee afdwingen.”

Het viel ook één van de grootste Nederlandse coaches aller tijden meteen op. “Natuurlijk kreeg ik wel appjes dat Louis van Gaal wat over me had gezegd, maar ik beleefde het EK in een soort roes. Het is meer achteraf dat ik dacht: het is echt heel bijzonder geweest. Echt heel gaaf dat mensen uit de mannenwereld waar je naar opkeek er ook interesse in hadden en het ook leuk vonden. Dat was eigenlijk ook ons doel.” De waardering was er ook in de vorm van de publieke belangstelling. De stadions zaten bomvol tijdens het EK in Nederland en ook op televisie werden de wedstrijden goed bekeken.

Nederlands vrouwenvoetbal nog in ontwikkeling

Dat vormt een contrast met de aandacht voor de Nederlandse Eredivisie voor vrouwen. Een competitie waar we Groenen waarschijnlijk voorlopig nog niet terugzien. “Ik vind het niveau nog niet hoog genoeg. Als Nederland een competitie heeft die goed genoeg is, dan misschien wel. Nu zit in nog in Duitsland, ook vanwege het niveau. Nederland is nog niet zo ver als Duitsland, Engeland.”

Dat zal ook niet van het ene op het andere moment veranderen denkt de speelster van 1. FFC Frankfurt. “Alles is een proces. Er is niet één sport die binnen nu en vijf jaar in één keer booming is. Je moet alles opbouwen, dat is bij het mannenvoetbal ook zo gegaan. Als een Nederlandse club echt meteen mee wil gaan doen in de Champions League dan moeten er topspelers gehaald worden uit het buitenland. Daar is geld voor nodig. Je haalt Dzsenifer Marozsán niet weg bij Lyon om bij Ajax te gaan voetballen voor 1000 euro per maand.”

Wel een droomclub, nog niet de prijzen

Voorlopig zijn we Groenen dus waarschijnlijk in één van de topcompetities van Europa bij FFC Frankfurt. Het is de club waar ze vroeger al van droomde ook omdat haar idool uit het vrouwenvoetbal er speelde. “Birgit Prinz vond ik heel cool omdat dat ze zo goed was dat ze bijna bij een mannenclub onder contract werd gebracht.” Prinz scoorde 166 doelpunten in 170 wedstrijden voor Frankfurt, werd acht keer kampioen en won twee keer de UEFA Women’s Cup (Champions League voor vrouwen).

Het zijn hoofdprijzen die nog aan de neus voorbij gingen van de 23-jarige Nederlandse en dat steekt. Wolfsburg en Bayern zijn de machtshebbers in het Duitse vrouwenvoetbal. “Na het winnen van het EK begin je wel te merken dat je ook prijzen wil winnen en dat knaagt wel aan me. Zeker we nu ook geen Champions League spelen.” Er was ook wel belangstelling voor Groenen, maar tot een transfer kwam het nog niet voor de speelster die wordt begeleid door zaakwaarnemer Guido Albers.

Clubliefde

Haast om weg te komen is er niet voor de voormalige inwoonster van Poppel, inmiddels residerend in de buurt van Frankfurt. Sterker nog, de clubliefde en de wil om vanuit een underdogpositie iets te bereiken is nog steeds aanwezig. “Ik hoop dat ik over een jaar of twee zo goed ben dat ik het verschil kan maken waardoor Frankfurt iets kan winnen. Dan is het ook iets bijzonders.”

Daarmee is de parallel naar haar voorbeeld Cruijff ook weer zichtbaar “Er is een periode geweest dat Cruijff van Ajax naar Feyenoord ging en dat Feyenoord kampioen werd, terwijl Feyenoord niet de grootste kampioenskandidaat was. Dat vind ik leuk. Dat heeft meer dan dat je naar een club gaat die toch al wat wint.”

2018

Voorlopig staat Groenen nog anderhalf jaar contract bij Frankfurt en richt ze zich op het inlopen van de achterstand op koploper Wolfsburg zes verliespunten. Verder zijn de Oranje Leeuwinnen goed op weg in de kwalificatie richting het WK van 2019. Plaatsing voor het wereldkampioenschap in Frankrijk en een voortzetting van het succes van de sportploeg van het jaar van 2017 zou het vrouwenvoetbal een nieuwe boost kunnen geven, weet ook Groenen. “Je hebt nu iets opgebouwd en ik hoop dat we dat vast kunnen houden.”

Het hele interview met Jackie is hier te beluisteren.