2 minuten

Sander Jonkman en Willem Haak zijn gek op het Italiaanse voetbal en allebei verliefd op een club uit Milaan. De een Milanista, de ander Interista. De komende tijd schrijven ze elkaar brieven over hun grote liefdes. Willem Haak schrijft vanaf een roze wolk na de galavoorstelling van Inter en bespaart Sander het medelijden over de situatie bij Milan.

Sander,

Hoe is het? Leef je nog? -18. Het moet koud zijn daar.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik geen minuut van het duel tussen Milan en Benevento heb gezien. Ik moest zelf voetballen. Maar toen ik in de kleedkamer mijn telefoon checkte, kon ik een glimlach niet onderdrukken. Benevento 2-2 Milan. Nadat ik er even later achter kwam dat uitgerekend keeper Alberto Brignoli in de 95e minuut voor de gelijkmaker had getekend, werd de glimlach nog iets breder.

Een paar uur later was de vreugde nóg groter. Inter speelde Chievo volledig van de mat. Uitslag: 5-0. Niet alleen staat mijn Inter nu eerste, het spel wordt ook nog eens met de week beter. Wat een weelde.

Maar goed, toch eerst even over Milan. Een gelijkspel tegen Benevento, dat na veertien wedstrijden in de Serie A nog geen enkel punt had veroverd. Het moet pijn doen. Dat de aanstelling van Rino Gattuso niet voor een schokeffect zorgde, kwam hier niet helemaal als een verrassing. Hoewel ik het ontslag van Vincenzo Montella begrijpelijk vind, denk ik niet dat Gattuso capabel genoeg is om Milan naar een Champions League-plek te leiden. Met Gattuso gaat het bestuur voor een tussenoplossing, terwijl er geen ruimte voor is.

Dat het tegen Benevento al misging, had ik desondanks natuurlijk niet verwacht. Langzamerhand begint de situatie in het roodzwarte deel van Milaan een beetje zielig te worden. Desondanks denk ik dat medelijden het laatste is waar je op zit te wachten. En terecht. Wat compassie vanaf je grote rivaal is misschien wel het meest vernederende dat er is.

Toch heb ik voor het eerst in jaren weer eens het recht om een grote mond te hebben. Pazza Inter is ineens niet zo gek meer. Nee, onder nieuwe manager Luciano Spalletti spelen mijn Nerazzurri ineens weer zakelijk en geduldig. Davide Santon en Danilo D’Ambrosio spelen ineens als Maicon en Javier Zanetti in hun beste dagen, Mauro Icardi is op dit moment misschien wel beter dan Diego Milito ooit was en zondag liet ook Andrea Ranocchia zien toch wél te kunnen voetballen. Het is de verdienste van mister Spalletti, die enorm doet denken aan José Mourinho.

Het resultaat: na vijftien speelrondes staat Inter eerste. Eerste! Boven Napoli en Juventus. Boven Roma. En dus ook achttien punten en acht plekken boven Milan. Zondag volgt er weer eens een échte test: Inter-Juventus. Ik mag samen met mede Interista David Endt commentaar geven. Het zal moeilijk zijn om objectief in de cabine te zitten..

Laten we snel koffie drinken, en dan hoeven we het echt niet alleen over voetbal te hebben. Ik snap dat dat op het moment wat gevoelig is, namelijk.

Ciao,

Willem